Pagina's

Posts tonen met het label Engagement. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Engagement. Alle posts tonen

20 november 2015

No more. - Over engagementen en politiek.

Hoewel ik mijn internationale kameraden missen zal, hoewel ik vele vrienden hier in Vlaanderen heb leren kennen, hoewel ik mezelf ideologisch nog steeds op die plaats bevind waar ik me al altijd bevonden heb... Het punt is daar waarop een mens eens na moet denken en zeggen: tot hier. Het is genoeg geweest. Rob stopt met politiek.



Ik stel me geen al te grote schokgolven voor wanneer ik die woorden uitspreek. Noch mijn politieke vrienden - die ik door verminderd engagement sowieso al minder zag - noch mijn directe omgeving - die me goed genoeg kent -  zullen versteld staan kijken. Misschien zal ik na vandaag links en rechts  (haha) wel eens een vraagje krijgen uit mijn bredere kennissenkring, maar... Het is echt waar: ik stop.

Toen het allemaal begon, ging het van de meet af aan erg snel. Vanuit een 'Ik richt Animo Hasselt weer op' rolde de bal snel door naar Animo Limburg, naar sp.a Hasselt, naar sp.a Limburg. Dat deed deugd, want ik hongerde er naar de wereld te veranderen. En die honger is er nog steeds. Nog altijdwil ik samen vooruit.  Maar het besef is gegroeid, dat ik dat liever doe vanuit ons sterke middenveld. Liever ben ik spreekbuis dan bestuurder. Liever ben ik dan toch geen Internationaal Secretaris van de Jongsocialisten. Een politieke carrière binnen de sp.a spreekt me ook al even niet meer echt aan. Geef mij maar de concrete zaken: het bevorderen van geletterdheid via mijn werk. Het meedenken over emancipatie met het Regenbooghuis, thuis om de hoek. Een discussie aan de toog of een snedige blogpost.


Daarnaast speelt ook frustratie en desillusie wat mee in de kaart van mijn beslissing. Mijn politieke overtuiging is voor mijn niet louter een ideologie, maar werd - steeds meer - een levenshouding. Diversiteit, democratie, gelijk(waardig)heid, emancipatie... Ik probeer ze niet enkel te schrijven, maar te ademen. Ironisch genoeg zijn het mijn internationale reizen voor de JS die me dat geleerd hebben.
Maar waar ik eens warmte en gedrevenheid voelde, blijkt het groots en machtig huis van 'dé Beweging', 'dé Partij' toch ook met wat tochtgaten te zitten. En hoewel men terecht op kon merken dat ik ze dan maar beter zelf mee dicht timmer, eerder als er voor weg te lopen... Zonder het juiste gereedschap en zonder de nodige energie zal me dat niet lukken. Zeker niet alleen.

Dus is het tijd om er een streep onder te trekken. Met een warm gevoel kijk ik echter terug. Op wat ik heb meegemaakt, op wat ik heb bijgeleerd, maar vooral ook op mensen. Op de vele vrienden in binnen- en buitenland met wie ik mocht kennismaken. Op de mensen achter de politici. Op een familie die zo divers is, maar die me wel een plekje aan hun vuur aanbood. Dankbaar ben en blijf ik  ook voor de leerkansen, de processen, de ervaringen, de studiereizen. Mijn afscheid gaat niet gebukt onder een loodzware mantel van rancune of wrangheid. Het is eerder een vederlicht moment van zelfontdekking. Mijn vriendschappen, ik gooi ze niet in de prullenmand. Mijn ideologie, ze gaat niet plots overboord. En op vraag wil ik mijn schouders heus nog wel eens onder (kleine, afgegrensde) projectjes zetten. Maar hier scheiden onze wegen toch echt. En hoewel ik hoop dat ze af en toe nog eens zullen kruisen, ondanks het feit dat ik wie wel verder gaat op de weg die ik nu verlaat veel succes toewens... Het was tijd.


Wordt niet vervolgd.




3 augustus 2015

Nationale volksliederen - Vijf keer de moeite waard.


Volksliederen. Vaak genoeg blijf ik er ver van weg. Nationalisme, patriottisme, nationale trots... Ik snap waar die dingen (socio-)psychologisch vandaan komen. Maar dat wilt niet zeggen dat ik kan vatten welke merite ik heb in het feit dat ik op een bepaalde plek geboren ben. Ik ben Belg door toeval. Ik vind het zeker niet erg. Maar patriottische gevoelens geeft het me nu ook weer niet bepaald. Vandaag echter, duiken we de voeten eerst in het bad van de liederen die dat soort gevoelens behoren uit te drukken. Vijf keer tekst, uitleg en lied bij hymnes die ik op een of andere manier wel kan smaken...




1. Europahymne (EU)

En we beginnen ineens met een nationale hymne die eigenlijk geen nationale hymne is. Het Europese volkslied is een gedeelte uit de negende symfonie die in 1823 werd gecomponeerd door Ludwig van Beethoven. Officieel is het een zuiver instrumentaal muziekstuk. In de finale van de eigenlijke symfonie gebruikte Beethoven de in 1785 door Friedrich von Schiller geschreven Ode an die Freude (Ode aan de vreugde). Dit gedicht geeft de door Beethoven gedeelde idealistische visie van Schiller weer, die alle mensen als broeders zag.

In 1972 koos de Raad van Europa, die reeds de Europese vlag had ontworpen, het thema van "Ode aan de vreugde" van Beethoven als Europees volkslied en vroeg de bekende dirigent Herbert von Karajan drie arrangementen voor piano, harmonieorkest en symfonieorkest te schrijven. Dit volkslied vertolkt zonder woorden, in de universele taal van de muziek, de idealen van vrijheid, vrede en solidariteit waarvoor Europa staat. In 1985 maakten de regeringsleiders van de Europese Unie van deze muziek het officiële volkslied van de Unie. Het is niet de bedoeling de volksliederen van de lidstaten te vervangen, maar wel om uitdrukking te geven aan de waarden die de inwoners van de Unie delen en aan hun eenheid in verscheidenheid.




 2. Kaiserhymne (AUT) & Das Lied der Deutschen (DEU)

Das Lied der Deutschen (Het Lied der Duitsers, meestal Das Deutschlandlied, Duitslandlied, genoemd) is sinds 1922 in gebruik als Duits volslied. Vanaf 1952 beperkt zich men echter tot het laatste couplet, een situatie die in 1991 werd geofficialiceerd. Als volkslied geniet het Deutschlandlied bijzondere wettelijke bescherming tegen smaad. Nochtans was het in de 19e eeuw een patriottisch drinklied.

De melodie is afkomstig van het door Haydn gecomponeerde 'Gott erhalte Franz den Kaiser', de Oostenrijkse Kaiserhymne. Van 1797 tot aan het ontbinden van het Oostenrijks-Hongaarse in 1918 keizerrijk was het het volkslied van Oostenrijk en later van Oostenrijk-Hongarije. Het was bijzonder populair en werd vertaald in alle veertien in het rijk geldende talen.




3. Nkosi Sikelel iAfrica & Die Stem van Suid Afrika (ZAF)

Sinds 1997 is het volkslied van Zuid-Afrika een lied dat uit twee voorgaande liederen is samengesteld, namelijk Die Stem van Suid-Afrika en Nkosi sikelel' iAfrika.

Die Stem van Suid-Afrika was het volkslied van Zuid-Afrika tijdens het apartheidsregime in het land, Nkosi sikelel' iAfrika was een populair lied van de ondergrondse vrijheidsbeweging. In 1994 verklaarde toenmalig staatspresident F.W. de Klerk beide liederen tot officieel volkslied. In 1997 werd in de nieuwe grondwet de huidige tekst tot officieel volkslied uitgeroepen. Het is een verkorte en gecombineerde versie van de beide liederen, met een nieuw geschreven Engelstalige tekst. Het bevat woorden van vijf van de elf officiële talen van Zuid-Afrika.



4. Marseillaise

De oorspronkelijke versie is een lied dat is geschreven en gecomponeerd door Claude Joseph Rouget de Lisle in de nacht van 25 op 26 april 1792 (De zevende strofe werd later door een onbekende auteur toegevoegd). De originele naam is Chant de guerre de l'Armee du Rhin (marslied van het Rijnleger). De naam Marseillaise dankt het lied aan het feit dat de troepen uit Marseille tijdens de Franse Revolutie het lied zongen bij hun intocht in Parijs. Op 14 juli 1795 werd de Marseillaise tot volkslied van Frankrijk verklaard. Later, tijdens het keizerrijk, werd het lied door Napoleon verboden. De Derde Franse Republiek herstelde in 1878 de Marseillaise in ere herstelde.

Van 1871 (het neerslaan van de Commune van Parijs) tot 1888 (het jaar waarin Pierre de Geyter het oorspronkelijke gedicht van communard Eugène Pottier op muziek zette) werd de melodie ook gebruikt om de Internationale op te zingen. Ten tijde van Adolf Daens, rond 1890, was het zingen van de Marseillaise ook gebruikelijk onder Belgische socialisten. Tijdens de Russische Revolutie (1905) tot aan de Oktoberrevolutie (1917) werd de Internationale nog gezongen op de noten van de Marseillaise.  Ook was de Marseillaise het volkslied van Rusland, vanaf de Russische Revolutie tot het moment dat de Internationale de Marseillaise alsdusdanig verving. Ook andere bewegingen hebben zich in de geschiedenis bediend van de Marseillaise. Zo zongen de zuiderlingen de Marseillaise toen hun staten uit de unie der Verenigde Staten traden en zich bij de Geconfedereerde Staten van Amerika aansloten. In 1989 (nb: op de vooravond van de 200e verjaardag van de Franse Revolutie) zongen Chinese opstandelingen rond een Vrijheidsbeeld van papier-maché op het Plein van de Hemelse Vrede hun versie van de Marseillaise tijdens het Tiananmenprotest.



5. Phleng Chat

Het is vrolijk en duurt niet langer dan een minuut, er zitten geen religieuze verwijzingen in en ondanks enkele vervaarlijke (vnl. nationalistische en militaristische) regels spreekt het vooral over vrede en vrijheid: Het Phleng Chat (Thai: เพลงชาติ) ,  het volkslied van Thailand. Het volkslied werd ingesteld op 10 december 1939. Het werd gecomponeerd door Peter Feit (zijn Thaise naam is: Phra Chen-Duriyang) (1883-1968). Hij was de zoon van een Duitse immigrant en de koninklijke adviseur voor muziek. De woorden bij de melodie zijn van Luang Saranupraphan. Het lied moet niet verward worden met Phleng Sansasoen Phra Barami; de koningslofzang die voor 1939 als volkslied gold en nog steeds veel gehoord is.




---
Deze weetjes komen uit de bundel 'Volksliederen - Cantusbundel met tekst en uitleg' die ik opstelde voor Limburgse Hoogstudentenclub Caeruleus als thematische leidraad voor een zangconvent. Meer liederen? Kijk dan ook eens op mijn codexliederenpagina "Rondgezang & Gerstenat".

3 november 2014

Es Leben die Studenten


Wanneer ik mensen vertel dat ik nog steeds actief ben ik het studentenleven word ik wel eens vreemd aangekeken. “Maar je studeert toch niet meer? Wordt het niet eens tijd om op te groeien?” zijn dan steevast de opvolgvragen. De vragen komen telkenmale van mensen die zelf nooit in het studentenleven zaten of die vergeten zijn dat ze ooit deel uitmaakten van het studentencorps. Het zijn mensen die vaak niet (meer) weten waar dat studentenleven om draait. Daarom vandaag – het voelt relevant – graag eens een woordje uitleg…



 
Veel mensen hebben slechts één of twee woorden waar ze aan denken bij het horen van de term ‘studentenleven’. Veelal betreft het termen als bier, zattigheid, dopen, vadsigheid. En voor heel wat studenten in dat studentenleven is dat ook zo. Voor mij draait het studentenleven echter om drie voorname zaken: vriendschap, de traditionele beleving van studentikoze avonden en academische zelfontplooiing. Daar komt af en toe inderdaad ook eens een pint bij kijken, maar de essentie ligt niet in de brouwketel.


Vriendschappen kan je uiteraard overal smeden. Clubs en kringen hebben daarop zeker geen alleenrecht. Maar het studentenleven biedt (oud-)studenten een gezamenlijk project. Het verenigt mensen rond een clubtafel. Vele avonden worden samen doorgebracht: al vergaderend, al lachend, al huilend, al zingend. Banden worden gesmeed en uitgediept. De clubtafel biedt een plek om elkaar te leren kennen, om zichzelf te kunnen zijn in het bijzijn van anderen, om samen elkaars ware gelijke te zijn. Met gepaste trots haal ik hier aan dat vele leden van studentenclub Bourgondia vrienden voor het leven zijn geworden. Een jaar geleden werd ik zelfs dooppeter van de kleine spruit van twee clubgenoten, pas nog was ik getuige op hun huwelijk. Het is niet voor niets dat we nog regelmatig samenkomen rond dezelfde tafels als vijf, zes jaar geleden. Want al studeerden we af, de band die we in Geel opbouwden leeft voort.

Na mijn studies pikte ik de draad weer op met het leven in Hasselt. Een meer dan goede vriend stond daar inmiddels achter de toog in een studentikoos café, de Ambiorix. Wat begon in ‘daar eens iets gaan drinken uit blijk van vriendschap voor die makker’ mondde al snel uit in het leren kennen van lokale studenten die ras nieuwe vrienden werden. En vriendschap onderhoud je. En in vriendschap met studenten gebeurt dat niet zelden… op café en rond de clubtafel waar ik als – toen nog als genodigde – mee aanschoof.

Het is altijd leuk te voelen dat je bij een groep hoort. Uiteindelijk liet ik dat ook formaliseren door me uit sympathie te laten dopen bij Mater Paramedica, de verpleegkundige kring waartoe de uitbaters en vele stamgasten van de Ambiorix behoorden. Sedert die dag weet ik me ook in Hasselt deel van een sterk verbond. (En ja, het klopt… Ik stommelde er aan het eind van vorig academiejaar warempel ook het (laag)praesidium binnen.)




Als snel leerde ik – nog steeds de leergierige studentikoos uit Geel – de verschillen in stijl en traditie tussen de Geelse en de Hasselts-Diepenbeekse studentenwereld. Al van in het allereerste begin had ik in Geel genoten van de liederen in de codex. Toegegeven: sommige liederen waren me al te rechts-seperatistisch of de Rooms, maar het merendeel zong ik als snel graag en luid op menig cantus. Ik leerde op mezelf nieuwe liederen, die we in Geel niet zongen. Samen met enkele andere enthousiastelingen leerden we elkaar nieuwe liederen, anekdotes en gebruiken. We gingen op zoek naar liedjes die niet meer in de codex stonden, naar andere codexen, naar de geschiedenis achter de cantus als geheel en naar die van de liederen zelf. Die avonden vormden de voedingsbodem voor studentenclub Bourgondia. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de kennismaking met een andere traditie in zingen en cantussen ook na mijn studies de aandacht trok. (Terzelfdertijd leerde ik ook de linkse zangtraditie steeds beter kennen. Een nieuwe wereld aan te zingen liederen ging langzaam open.)

Mijn kennis breidde uit en ook in Hasselt kwam ik mensen tegen die mijn passie voor het studentikoze lied deelden. Ik mocht af en toe een interne cantus meemaken en werd zelfs eens mee genomen naar een vormcantus in Leuven alwaar ik op het tijdsbestek van enkele luttele uren een schat aan nieuwe liedjes leerde.




Die leergierige houding naar de traditie in beleving brengt me ook naadloos bij het streven naar zelfontplooiing. Hier citeer ik graag de huidige statuten van Bourgondia: “[…] een besloten groepering van mensen die ten doel heeft […] de kennis en kunde van haar leden te verruimen.” We stellen ons al in het allereerste artikel dit doel. Immers: een club bestaat uit meer dan vriendschap alleen en louter het beleven van traditie is als het langzaam versterven in een kamer die steeds een beetje kouder wordt omdat het haardvuur is uitgegaan. Een club verrijkt haar leden zoals ieder lid bijdraagt aan het geheel.

Uitstappen naar brouwerijen en stoffenbeurzen, politieke en historische lezingen, infoavonden, speeches, appreciatiemomenten in de nachtelijke stilte aan de Antwerpse kade… In de afgelopen zeven jaren heb ik al heel wat bijgeleerd doordat ik in clubverband deelnam aan activiteiten, doordat ik in het studentenleven interessante mensen en gespreksonderwerpen tegen kwam. En inderdaad: net zoals het vriendschappelijk karakter is ook het luik van de zelfontplooiing niet iets waar een club alleenrecht op heeft. Maar het studentenleven schept een context, een kader waarbinnen kansen gecreëerd (kunnen en moeten) worden.




HiSS, Amicitiae Limburgia, Bourgondia, Mater Paramedica,… Ik ben ze allen schatplichtig. Ze hebben me de afgelopen zeven jaren warmte en onderdak geboden. Ze waren (en zijn) een plek waar ik kan lachen en waar ik mag huilen. Ik ontmoet(te) er nieuwe mensen en maak(te) er vele vrienden. Ik leer(de) samen met hen over academische onderwerpen, over onbenulligheden, over het leven en over sterven. Ik zing met hen zoals zij die voor ons kwamen ook samen hebben gezongen. Ze zijn het warme vuur in de herberg na een lange dagtocht. Ut vivamus, crescamus et floreamus…

Dixi.

20 januari 2014

Blue Monday? Red Revolution!

 

Ik ben een contente mens. Pas verkozen tot voorzitter van Jongsocialisten Limburg, hongerig naar actie, creatief uitgedaagd op mijn werk, relatief gezond, een dak boven mijn hoofd en eten op mijn bord. Maar nog gelukkiger word ik van de mensen om me heen... Ja, ik ben een gelukkige mens! En op deze 'meest depressieve dag van het jaar', de zogenaamde 'Blue Monday', schreeuw ik dat graag van de daken!


Het afgelopen jaar, 2013, is er heel wat veranderd in mijn leven. Een kortstondige maar mooie relatie, een hoop nieuwe vrienden, internationale uitwisselingen,... Maar wat me in 2013 vooral wist te raken: Mijn vrienden W.M. en K.E. uit T. kregen een wolk van een zoon. En van het ene op het andere moment mocht ik me, als peetvader, plots écht familie noemen! Plots heb je een klein mensje in je armen en weet je dat het leven mooi kan zijn.

Bovendien weet ik me ook in 2014 weer omringd door mensen die stuk voor stuk grote stukken van mijn metaforisch hart hebben weten in te palmen. Vrienden die méér zijn dan vrienden. Mensen die me een intens warm gevoel geven vanbinnen. Volk waarvan ik denk: 'Verdorie. Ik ben dankbaar dat ik jùllie in mijn leven heb!'.

Het maakt dat ik me vandaag strijdbaar voel. Ik ben wakker. Ik sta klaar... De seizoenen lijken van slag en het heeft effect op mijn lichaam, zo lijkt het wel. De lente borrelt nu al in mij op. Vrienden, ik ben klaar. Ik weet niet waarvoor, maar ik ben klaar!


 Gelukkig Nieuwjaar!


13 december 2013

Europa ligt ook in mijn straat! - De wereld, mijn achtertuin.



'Europa ligt in mijn straat,' zegt Joke Quintens wel eens. Joke is naast professioneel procesbegeleider ook ondervoorzitter van sp.a, schepen en sinds kort ook parlementslid voor diezelfde partij. Als Genkse weet ze donders goed wat 'multiculturaliteit' en 'samenleven' inhouden. Niet alleen Europa ligt in Genk. En Europa ligt bovendien ook niet alléén in Genk. Het ligt namelijk ook in mijn straat. En in de straat er naast. En in die dààr naast.


Internationalisme is een socialistische basiswaarde. Net zoals ook gelijkheid, vrijheid, duurzaamheid en solidariteit dat zijn. Ik adem dat internationalisme, het zit me in de kleren. Zomerkampen met YES (the Young European Socialists), Winterschool in Berlijn, the Workers Youth Festival, een euregionale werkgroep met collega's van JS in de PvdA, MJS en Jusos,... Het is dan ook niet vreemd dat ik morgen op 'Europese Identiteit en de Euregio' in Maastricht te vinden zal zijn.


"Het Europese project is gedoemd te mislukken want er is geen Europese identiteit, geen gemeenschappelijke cultuur," aldus de vaak gehoorde kritiek van de eurosceptici. Ik ben het met die kritiek fundamenteel niet eens. Wanneer ik immers met kameraden uit Ierland, Oostenrijk, Zweden, Duitsland,... rond een tafel zit, valt niet zo zeer op wat anders is maar vooral hoe gelijkend we allen zijn. Onze landen hebben immers een lange geschiedenis met elkaar en hun politiek zit in elkaar verweven. En jà, inderdaad, als ik dertig kilometer verderop ga winkelen - in Nederland, in Duitsland of in 'de Walen' - dan staan er vaak andere producten in de rekken en spreekt men een andere taal of regiolect. Maar zijn dat dan die wezenlijke verschillen die het samenwerken zo onmogelijk maken?

Steeds weer probeert men ons wijs te maken dat de ander ook existentieel anders is. Of het nu gaat om oude mijnwerkersfamilies, Walen of Grieken: telkens weer proberen een aantal groeperingen een wig te drijven tussen volkeren die eigenlijk zo gek veel niet van elkaar verschillen. Of het nu gaat over subtiele Belgen-/Hollandermoppen of om meer uitgesproken varianten van vuurtje-stook zoals de verkondiging dat 'alle Walen lui, werkschuw tuig zijn'... Telkens weer wordt er een wij-tegen-de-rest gespeeld die nergens goeds toe leidt. Daar moeten we vanaf. Niet straks of morgen, maar nu meteen!



Ik ben benieuwd naar de conferentie van morgen. Er staan enkele interessante sprekers en discussies op het programma. Met veel graagte zal ik de Limburgse (BE) socialisten en Jongsocialisten vertegenwoordigen. Als erfgenamen van oa. wijlen Paul-Henri Spaak en wijlen Paul Finet is het vandaag immers aan ons om als nieuwe generaties socialisten en sociaal-democraten te ijveren voor een beter Europa, een betere wereld.

Laat ons daarom in een jaar van Europese verkiezingen niet al te veel doen aan kleinburgerlijk navelstaren. Zet mee met ons de ramen open en laat een nieuwe wind zich meester maken van een gezamenlijk, sterk en sociaal Europees project. Een project dat haar weerklank ook vinden kan in zowel het federale als het Vlaamse programma. Een project dat inwerkt op het lokale én het internationale niveau. Een project van mensen maar vooral ook vóór mensen. Of die nu Anna, Meryame, José, Sven, Elisabeth of Jan heten.


Ik ben voor méér Europa. En u?


11 oktober 2013

De jongen die niet huilen kon... - Over zorgen voor.

Gisteren was het Werelddag van de Geestelijke Gezondheid. Ik kreeg mijn tekst niet tijdig online, maar ik wil hem jullie zeker niet onthouden...





Ik beken: ik ben van tijd tot tijd wel eens een grote huilebalk. Onbedaarlijk rollen te  tranen me van de wangen. Horten, stoten en gesnik versamachten de stilte om me heen en  met rood opgezwollen ogen hang ik doelloos op de bank of in bed. Ik heb van die buien. Ik weet het. En ik schaam me er vooral niet voor. Maar plots...


Meestal gebeurt het na een paar glazen alcohol of tijdens/na extreme stresssituaties... Bijvoorbeeld vlak na het wanneer ik midden in een vlucht tussen Istanboel en Izmir de verzorging van een epileptische patiënt heb moeten coördineren. Of tijdens een avondje iets te zwaar doorzakken aan de toog. Of bij een overlijden. Bij verlies.

Het mooie aan dat huilen is het feit dat het zo ontzettend op kan luchten. Zoals de wereld weer fris is na een lentebui, zo huil ik de zorgen van me af wanneer ik het niet van me af geschreven krijg. Het is misschien niet het meest mannelijke om toe te geven in een heteronormatieve en koele cultuur als de onze, maar het is zo dom je te schamen voor een natuurlijke reactie die me bovendien verlost van (een deel van) mijn verdriet. Wat nou, 'niet stoer'? Ik durf mijn tranen te laten zien. Ik draag ze met trots want ze tonen mijn mens zijn. Ik ben immers geen Vulcan.

Sinds kort word ik - voor het eerst in mijn leven - geconfronteerd met een nieuw fenomeen: het niet om iets kunnen huilen. Soms komt die bepaalde kwestie wel bovendrijven maar verder dan een traan of wat en een snik of twee kom ik niet. Alsof mijn lichaam op de noodrem drukt en zegt: 'Doe maar beter niet, Rob.' Alsof het voelt dat wanneer ik toegeef aan de tranen, wanneer ik eindelijk die sluizen openzetten zou, dat de dam het niet meer kan houden en mijn geest zou overstromen.

Ik lijd pijn. En ik krijg de pijn niet weggehuild. Ik mag niet van mezelf. Bevreemdend. Ongemakkelijk...





"Eens goed praten, de dingen uitspreken. Dat helpt. Relativeren, nadenken. Er niet mee blijven zitten. Hulp durven vragen, je hand durven uitsteken. Tegen vrienden vertellen dat het even niet gaat. Durf huilen. Leer weer voelen..." Als hulpverlener hoor ik mensen al die dingen te vertellen. Uit eigen ervaring weet ik echter hoe moeilijk het soms zijn kan om te praten. Als je je niet lekker in je vel voelt, is het soms aanlokkelijker om eenzaam in de bank weg te zakken dan om wonden open te halen en er met grof zout doorheen te gaan. Maar laat me bij deze toch het goede voorbeeld geven.

Mijn agenda is vaak stevig volgepland. Zo stevig dat ik amper de tijd heb om te ademen, laat staan om voor mezelf te zorgen. Dat heeft - dat moet worden toegegeven - zijn tol. Chronisch slaaptekort, insomnia, chaos in mijn hoofd. En dat draagt dan weer bij aan perioden van neerslachtigheid, perioden van extreme prikkelbaarheid (de soort waarin je je overprikkeld voelt, niet per se die waarin je kortaf bent.), een gedesoriënteerd gevoel,... Gevoelens waarover we niet graag praten. Gevoelens die we verzwijgen en al snel ver weg willen steken.

Ik wil graag de vrienden bedanken die er altijd voor me zijn. Vrienden die luisteren. Die keer op keer er gewoon zijn en verdragen dat ik voor de -tigste keer met datzelfde zit. Vrienden die ik beschouw als familie en die hopelijk ook weten dat mijn deur ook altijd voor hun open staat. Bedankt om te luisteren. Dat lucht op. Dat heb ik nodig. Dat helpt me. Dus bedankt. Dat kan ik hier niet genoeg onderstrepen.

Op deze Werelddag van de Gezondheidszorg wil ik - bij wijze van dank - mezelf dan ook wat beloven. Ik beloof mezelf meer tijd te nemen om te leven en me minder te laten leven. Ik beloof mezelf opzoek te gaan naar een gezonder evenwicht tussen engagement en tijd voor mezelf. Ik beloof mezelf dat ik wanneer ik ergens mee zit ik er over praten zal. Met vrienden, familie, collega's,... Mensen die ik vertrouw. En als het moet ook met professionele hulpverstrekkers.

Het komende jaar wil ik daarnaast ook een stukje van mijn politieke focus voorbehouden voor zorg. Zorg voor mensen die nood hebben aan een gesprek, aan gezelschap, aan steun. Zorg voor mensen voor wie de wereld te veel prikkels geeft. Zorg voor mensen die op zoek zijn, zich niet lekker voelen. Zorg voor wie de stap niet kan of durft zetten.


Want er voor elkaar zijn, daar draait het toch ook gewoon om?







En voor wie het even nodig heeft, maar die het even niet kwijt kan of durft aan een bekende... Blijf er niet mee zitten en neem contact op met mensen die klaar zitten om te luisteren:

Algemeen welzijn: het CAW in jouw buurt...
Voor jongeren: het JAC in jouw buurt...
Awel (Kinder- & Jongerentelefoon): 102 of www.awel.be/
Tele-onthaal: 106 of http://www.tele-onthaal.be
 Holebifoon: 0800 - 99 533 of www.holebifoon.be
Childfocus: 116 000 of www.nupraatikerover.be
Zelfmoordlijn: 02 - 649 95 55 of www.zelfmoordlijn.be



17 september 2013

Druk - Septemberbuien


Het is september en de wereld rondom ons trekt weer op gang... De school is inmiddels ook voor de hoogstudenten weer begonnen - Welkom in Hasselt aan de nieuwe studenten, trouwens - en ook de sociale sector beweegt weer volop. Het politiek jaar trekt ook weer stilletjes aan op gang en het vrijetijdsleven ontwaakt uit haar zomerslaap. De geëngageerde jonge twintigers komen weer onder grote druk te staan! Een blik in de najaarsagenda...



Maar ik geniet er van. Dat weet ieder die me kent maar al te goed. Dat randje van vermoeidheid dat gepaard gaat met de stress van een overvolle agenda, ik geniet er stiekem van. Het geeft voldoening te weten dat je tot het uiterste aan het gaan bent. En dus... Dus heb ik het moeilijk met neen zeggen. Zeker in een periode als deze wanneer alles weer aanzwengelt.


De werkgroep Politiek van het Regenbooghuis blijft ondanks de brand die ons Huis trof, niet bij de bakken neerzitten. Samen met mijn collega's zullen we ons dit najaar gaan inzetten op het leggen van banden met lokale besturen. Die besturen hebben immers vaak wel een diversiteitswerker, maar dikwijls genoeg weten die niet goed hoe het thema 'gender en seksualiteit' en wat daar bij komt kijken aan te pakken. Hoog tijd dus dat we de lokale ambtenaren en/of schepenen eens bevragen over hun noden.
(Ik nodig iedereen overigens graag uit op de benefietparty, komende vrijdag (20/09). Zo'n afgebrand ontmoetingshuis terug opbouwen, dat doe je immers niet met engagement alleen. Meubels kosten geld. Meer uitleg op www.regenbooghuislimburg.be!)


Ook de sp.a is weer volop aan het vergaderen: Grote Rode Overleggen
met ABVV en de Voorzorg over het SALK, bestuursvergaderingen van de federatie en de lokale afdeling,... En natuurlijk zijn er ook weer gemeente- en provincieraden, college's en commissies. Vanavond zo ook weer in Hasselt. Zoals steeds zal ook ik weer aanwezig zijn om onder de hashtag #GRHasselt volop te tweeten. Namens sp.a Hasselt, maar ook voor Animo Hasselt en in eigen naam. Zo slipt een agenda snel vol, maar... We doen het zo graag!
En dan zwijgen we nog over Animo. Vormingsweekenden, congressen, vergaderingen... En natuurlijk is er ook het alledaagse takenpakket binnen de kernen van Limburg en Hasselt. Al kijk ik deze herfst extra uit naar de nieuwe studentenwerking, StuLimburg, die we in gang gaan trekken.


Tot slot is ook het werkjaar van de Stedelijke Jeugdraad  Hasselt weer begonnen. Vrijdag komen we voor het eerst weer samen met het Bureau... De agenda is, zoals te verwachten na twee maanden reces, behoorlijk stevig. Maar in goed gezelschap is zo'n vergadering eerder vrijwilligers'plezier' dan -'werk'



Engagement. Het kost heel wat tijd. En vaak ook moeite, goesting, zorg. Maar hoezeer me inzetten ook aan mijn vrije tijd knabbelt, het voldoet. Weten dat je ergens aan aan het bouwen bent... De wereld komt in september altijd weer wat tot leven. En daar toe mogen bijdragen is simpelweg iets prachtig.



* Meer over de verenigingen waarin ik actief ben, vindt u elders op deze website.